Foto:

Column Judith: Ook ik moet van het gas af

Wat een kou was het weer de afgelopen week. Het gekke was dat het nog kouder werd toen de sneeuw verdween. Kwam door de wind, vertelde iemand me die er verstand van had. En met die kou kijk ik wat bezorgd naar mijn huis. Zo'n huis uit de beginjaren zeventig. Snel gebouwd en met veel kieren en gaten. Altijd fris in huis dus, letterlijk en figuurlijk. Ik houd ook van een koel huis, bezoekers kijken altijd verschrikt of de verwarming het wel doet. Maar als je er aan gewend bent, dan is 18 graden bijvoorbeeld al een warm temperatuurtje. Maar nu, de laatste jaren en dit laatste jaar helemaal, word ik overspoeld met berichten dat ik van het gas af moet. Elektrisch koken doe ik al, dat zat er al in toen ik in dit huis kwam. Maar kijk, voor een warme douche, warm water uit de kraan en de centrale verwarming heb ik toch echt gas nodig. In dit huis zit een betrekkelijk nieuwe ketel, toen nog het neusje van de zalm, nu hopeloos verouderd. Want die ontwikkelingen gaan zo snel, dat is gewoon oneerlijk. Ik wil best iets voor het milieu doen, maar wat ik nu koop is misschien morgen een miskoop. Nou ja, morgen, over een paar jaar. Heel eerlijk gezegd duizelt het me vaak met alle oplossingen, want er is gewone voorlichting en commerciële voorlichting. Zonnepanelen, warmtenetten, windmolens, warmtepompen, hoog-en laagcalorische warmte, vergistingsinstallaties geothermie en zelfs een kleine kerncentrale op de Veluwe komen langs. Wie kan hier door de bomen het bos nog zien als je een leek bent? Vroeger, in de tijd van mijn oma, besloot de overheid gewoon dat ze van de kolen over moest op gas.

Tegenwoordig moeten we allemaal meedenken, er moet draagvlak zijn. Terecht natuurlijk, maar ik kijk toch wat bezorgd naar mijn hofje. Alle huizen uit hetzelfde jaartal, maar elk is anders. Allemaal een open haard in huis, die ik met goed fatsoen bijna niet meer durf te stoken vanwege het fijnstof. Was het maar weer zomer, dan hoefde ik me niet schuldig te voelen bij elke keer dat ik de verwarming aanzet.

Judith van den Wildenberg

Meer berichten