Boeren op het land, een schilderij van Philips Wouwermans. Een afbeelding van het schilderij siert de omslag van De hoeve en het hart.
Boeren op het land, een schilderij van Philips Wouwermans. Een afbeelding van het schilderij siert de omslag van De hoeve en het hart. (Foto: P.r. )

Historisch boek van Enny de Bruijn

Publicaties over de Gouden Eeuw gaan vaak over het leven in de stad. En ze zijn vaak gebaseerd op wat predikanten of andere hoogwaardigheidsbekleders in hun tijd hebben opgeschreven. Bovendien spelen verhalen over de Gouden Eeuw zich vaak af in Holland en niet op het platteland.

Door Leo Polhuys

BARNEVELD - De hoeve en het hart van schrijfster Enny de Bruijn vraagt juist aandacht voor gewone, Gelderse boeren. De 51-jarige Barneveldse is behalve auteur ook deeltijdjournalist bij het Reformatorisch Dagblad.
De Bruijn heeft een aantal belangwekkende publicaties achter haar naam staan. Zo promoveerde ze op leven en werk van de bekende zeventiende-eeuwse predikant Jacob Revius.
Ze is lid van de hervormde gemeente in haar woonplaats. ''Het feit dat ik zelf uit de gereformeerde gezindte kom en zelf ben opgegroeid in de Bommelerwaard - daar in de buurt speelt mijn boek zich af - maakt het makkelijker om me in te leven in de boerenwereld tussen 1600 en 1750 die ik beschrijf. Dat is een christelijke wereld, en daar herken ik veel in. Maar dat kan ook een valkuil zijn: je moet blijven beseffen dat de wereld van toen echt anders in elkaar zat dan die van nu.''

Het idee voor een boek over de plattelandscultuur in de zestiende eeuw is al in de jaren negentig ontstaan. In het kader van stamboomonderzoek bezocht De Bruijn het Centraal Bureau voor Genealogie in Den Haag en stuitte daar op een verwijzing naar de brieven van Gijsbert van Rijckhuijsen, een boerenzoon uit Herwijnen, het dorp waar ook haar ouders vandaan komen. Gijsbert verhuisde begin 18e eeuw naar Leiden en schreef vanuit die stad brieven aan zijn vader. De Bruijn: ''Die beantwoordde de brieven op zijn beurt weer, zodat er een levendige correspondentie ontstond over de gebeurtenissen in het dorp, maar ook over de geschiedenis van de familie. Een ontzettend unieke bron dus: er zijn niet veel boeren die brieven hebben nagelaten.''

Het duurde een hele tijd voordat De hoeve en het hart uitkwam. ''Ik had al wel veel informatie verzameld, maar wist niet goed hoe ik die moest ordenen. Pas na mijn proefschrift ben ik er echt aan begonnen, bijna zes jaar geleden. De hoeve en het hart beschrijft het gewone leven van de boeren, maar vooral hoe zij over het leven en de wereld dachten. Anders dan nu. Zo werd er toen heel anders gedacht over relaties. Rijke boeren keken bij de huwelijkspartners van hun kinderen allereerst naar bezit en geld. En eer was ontzettend belangrijk. Vooral in het begin van de periode die ik beschrijf, werd er vaak gevochten. Tussen 1600 en 1650 kwamen er zelfs dertig gevallen van doodslag voor, in een gebiedje met ruim drieduizend inwoners. Het geweld verminderde in de loop van de tijd wel, mede door invloed van predikanten.''

Meer berichten