Foto:

Column Judith: In de zomerstand

Het is niet te geloven hoe leeg mijn hoofd opeens is nu het politieke seizoen is afgelopen. Niet dat er niks meer te doen is, maar de druk van elke avond vergaderen is er af. En ook op mijn werk als chauffeur is het rustiger. Ik ben zomaar een paar dagen vrij gepland. Dat gebeurt ook wel eens gedurende het jaar, maar dan gaat bijna altijd rond kwart voor zeven de telefoon. Mijn planner met de mededeling dat er toch zeken zijn, auto's kapot of wat dan ook, in ieder geval dat ik als de raphazen mijn bed uit moet om ergens ver weg mensen op te halen. Vaak in Nieuwegein of IJsselstein, dus het is dan onmogelijk om nog op tijd te komen. Dat vinden ouders en kinderen meestal niet leuk. Mijn planner heeft er een haast sadistisch genoegen in om mijn slaperige stem te horen, maar tegelijkertijd waardeert hij het zeer dat ik wel de telefoon opneem. En er als de raphazen voor zorg dat ik achter het stuur kom. Dan rijd ik wel rustig, want dan is het toch al te laat.

Vanochtend lag ik ook in die heerlijke wereld tussen slaap en waak. Ik hoorde wel een soort vuilnisauto maar ik bleef lekker liggen, mijn kliko's zaten toch nog niet vol. Welke dag was het eigenlijk? Zou ik dadelijk eens lekker croissantjes gaan halen bij de buurtsuper, die smaken altijd zo goed. Lekker met een kopje koffie. Alles op mijn gemakje.

Dan gaat de telefoon en dat is niet het toontje van mijn werk. Zal ik wel opnemen? Even kijken wie er nu belt op dit onmogelijke tijdstip (9 uur ongeveer). Oh nee he, opeens ben ik klaarwakker want ik zie de naam van mijn hoofdredacteur. Mijn column! Die had ik gisteren nog willen doen maar toen ik achter de computer zat, dacht ik wat doe ik hier ook alweer? Dat zegt wel iets over mijn brein, niet in winterslaap maar in zomerstand van lekker niks doen.

Gelukkig is het een aardige man en krijg ik nog wat tijd. Geen ontbijt vandaag dus maar een brunch, en een belofte om voortaan altijd op tijd te zijn. Dit duurt maar een week trouwens, dit dromerige, de overgangstijd tussen heel druk en heel rustig...

Judith van den Wildenberg

Meer berichten